Af en op
Te fietsen | week 19

Enkel als ik naar het zuiden fiets, stuit ik niet al bijna meteen op een helling. Want de fietsvoorzieningen lokaal zijn van niveau. Fietsers worden netjes over de autowegen geleid, via tunnels, of over een fietsbrug.

En dan neem ik die fietsbrug opvallend minder vaak. Terwijl deze toch verreweg het beste uitzicht biedt.

En nu vraag ik me af waarom mijn voorkeur zo vanzelfsprekend naar die tunnels uitgaat.

Simpelste verklaring lijkt me dat tunnels aanzienlijk minder inspanning vragen dan bruggen. De helling omlaag, en daarmee de zwaartekracht, zorgt meteen al automatisch voor vaart. Waardoor de helling omhoog met een behoorlijk grote aanvangssnelheid genomen kan worden. En dat scheelt al de helft.

De diepe tunnel onder de autosnelweg door is het makkelijkst te doen als ik helemaal beneden minstens 40 km/u fiets, en die snelheid dan nog gewoon een paar tellen aanhoudt.

Doorgaans doe ik niet zo gek, overigens.

De lokale fietsbrug heeft naast het bezwaar van die zware klim eerst ook het probleem relatief smal te zijn. En doordat de ontwerper er een slinger in aanbracht, is bovendien slecht in te schatten of er tegenliggers aankomen of niet.

Maar voor nogal wat oudere fietsers is de fietsbrug te steil. Die lopen dan de helling op, met hun fiets aan de hand, en zijn door het domme ontwerp van het rijvlak soms pas op het laatste moment zichtbaar.

Gelukkig daarom dat er keuze is aan routes.

Kan ik er overigens zelfs nog voor kiezen om alle hellingen te vermijden, en netjes voor een verkeerslicht te gaan wachten. Alleen is zelfs het opzwoegen van een vreemd ontworpen fietsbrug aantrekkelijker dan bij een kruispunt stil te staan.


[x]#11850 fan dinsdag 5 mei 2015 @ 23:30:00